De hoog-risico hond of potentieel gevaarlijke hond

Hoog risico hondVan gerespecteerd naar outlaw 

De hoog-risico hond of potentieel gevaarlijke hond. Waar komen ze vandaan, wat is de aanleg en hoe ga je met ze om?

Een stukje geschiedenis

De molossers

De geschiedenis van de molosser gaat meer dan 3000 jaar terug. Ze ontlenen de naam aan een volk genaamd de Molossiërs. Zij leefde waar nu het huidig Albanië ligt. Zij hadden grote zwaargebouwde berghonden die naar alle waarschijnlijkheid de voorouders van de molossers waren. We kunnen, vandaag de dag, alleen nog maar spreken van honden van het molosser type. Er is na al die jaren geen hond meer die een directe bloedlijn heeft naar de molosser uit de oudheid.

Door deze honden over de hele wereld te kruisen met inheemse rassen is er een type hond ontstaan dat is onder te verdelen in twee typen. De jager en de kuddebewaker. Hoewel beide eigenschappen in beide typen aanwezig zijn, werden de honden afwijkend in uiterlijk. Waar de terreinbewaker veel zwaarder en grover van type is, kun je bij de jager het atletisch uiterlijk zien. Deze laatste moest alle molosser eigenschappen bezitten.

Bij nagenoeg alle honden van dit type, zien we een hoge mate van territoriaal gedrag en bij eenmaal volwassen individuen, een hoge mate van intolerantie naar niet groepsleden.

Door de geschiedenis heen zijn deze honden gebruikt voor bloedige taken. Van het jagen op groot wild, het bewaken van landgoederen tot het opsporen en doden van ontsnapte slaven. Gelukkig is er door selectief fokken en het inzetten van verplichte gedragstesten in het fokprogramma van veel rasverenigingen een hoop veranderd. Het zou nagenoeg onmogelijk zijn om een hond van het oude Romeinse type in onze moderne maatschappij te houden. Ondanks dat het post Romeinse type niet meer in deze hoedanigheid voorkomt, worden deze honden nog steeds gehouden voor taken die hun oorspronkelijke eigenschappen deels in stand houden. We zien de dogo argentino nog steeds ingezet worden op de zwijnenjacht en de cane corso, boerboel en fila brasileiro nog steeds voor het bewaken van terreinen. Maar ook de alano, de alabai en veel grote kuddebewakers doen nog steeds in andere delen van de wereld hun oorspronkelijke werk.  Er zijn helaas ook rassen ten prooi gevallen aan de showwereld. Deze honden zijn grotendeels zo in uiterlijk veranderd dat zij hun oorspronkelijke taken niet meer uit zouden kunnen voeren. En zijn er rassen die niets meer hebben van de gladiator van weleer. Het zijn eerder sumoworstelaars geworden. Een uiterst kwalijke ontwikkeling die hopelijk door de nieuwe ‘Fit for Function’ richtlijnen in de keurmeesters wereld kan worden teruggedraaid. Zelfs de molosser, zeker de jager, hoort nog steeds een weliswaar zwaar gebouwde maar atletische hond te zijn.

Molossers

Afbeelding:Persian Mastiff

De honden van het molosser/mastiff type zijn door de eeuwen heen gehouden door de adel en veelal door koningen. Dat is niet onbegrijpelijk gezien hun enorme omvang. In een tijd waarin mensen amper in staat waren hun kinderen te voeden, was er simpelweg geen plaats voor een hond die minstens een kilo voer per dag nodig heeft. De honden werden vaak door koningen aan elkaar cadeau gegeven. Een Mastiff werd als een bijzonder waardevol geschenk gezien. Er bestaat een gobelin waarop de Mastiff van het Deense koningshuis te zien is. Hierop staat de hond naast zijn voerbak. Om het eten te veraangenamen, speelt een violist een rustgevend muziekstuk. Zo was ook de voorouder van de Broholmer bedoeld om, voor het slapen gaan, de slaapkamer te inspecteren en alle eventuele levende of dode (spoken) indringers te verjagen.

Honderden jaren later, worden deze honden nog steeds enorm gewaardeerd. Hoewel voor velen makkelijker aan te schaffen, vragen zij nog steeds een eigenaar met een ruime beurs en een ruime geest. Ze zijn niet minder gaan eten en het houden van zulke grote honden vraagt het hebben van ruimte in huis, maar ook het bezitten van een grotere auto. Hier wordt bij de aanschaf niet altijd over nagedacht. Hiernaast is de echte liefhebber van deze honden zich ervan bewust dat dit geen honden zijn met een hele hoge mate van volgzaamheid. De begeleiding houdt het midden tussen aansturen waar nodig en het respecteren van hun zelfstandigheid.

Vechthonden geschiedenisBull & Terriërs

In 1835 besloot het Britse parlement het bull baiting te verbieden, wat wil zeggen dat het vechten met honden met bijvoorbeeld stieren maar ook met beren verboden werd. Als gevolg van deze wet begonnen de ’hond tegen hond’ gevechten. Bij het bull baiten beten de honden zich vast in bijvoorbeeld de stier en daar bleven ze hangen. Voor de ‘hond tegen hond’ gevechten wilden de liefhebbers van de bloodsports meer actie. Daarom werden de bestaande vechthonden, dit waren de oude bull dogs, bullen bijters, uitgekruist met jacht terriërs en waarschijnlijk de windhond en alaunt om ze sneller, atletischer en nog onbevreesder te maken en met een langere adem een hond die uren door kon gaan. Dit werd het Bull & Terriër type, waaruit later met het ontstaan van georganiseerde keuringen/shows door de kennelclub de Bull terriër (1917) en wat later de Staffordshire bull terriër (1935) werden erkend.

Amerikaanse Pit Bull TerriërDe vechthonden van Europa verhuisden met de immigranten mee naar de V.S. kort voor de Amerikaanse burgeroorlog waar ze verder werden gekruist om de ultieme vechthond te creëren. Zo ontstond de Amerikaanse Pit Bull Terriër. Het vechten met honden werd enorm populair in de V.S. en pas rond 1960 werd het vechten met honden illegaal in de meeste staten en in 1976 in alle staten van Amerika. Naast het vechten met de honden werd in Amerika door de hele geschiedenis tot nu ook veel gejaagd op weerbaar wild, bij de zwijnenjacht zijn deze honden tot op de dag van vandaag nog steeds veel vertegenwoordigd.

  • Als eerste heeft de UKC de American Pit Bull Terriër geregistreerd in 1898
  • de ADBA registreerde de American Pit Bull Terriër in 1909
  • de AKC registreerde de hond als de American staffordshire in 1936

In 1909 is er een splitsing ontstaan in de rassen, ooit begonnen als 1 ras zijn beide clubs hun eigen weg ingegaan. Waar de UKC zich meer ging richten op show bleef de ADBA zich meer richten op een werkhond waardoor beide rassen zichzelf anders zijn ontwikkelen en er dus ook echt twee verschillende rassen zijn ontstaan, in het uiterlijk maar ook in werkdrift.

Wat men vooral niet moet vergeten is dat door de strikte selectie op deze eigenschappen een hond is ontstaan die qua werkdoel uitblonk maar ook in betrouwbaarheid naar mensen. Die liefde voor de mens maakt dat deze honden een enorme aantrekkingskracht hebben op veel mensen. Het zijn vrolijke honden en enorm sportief en met een ongelofelijke veerkracht. Het zijn gezonde honden en hun atletische bouw maakt ze heel aantrekkelijk en doordat ze zo sportief zijn zie je deze honden de laatste 50 jaar in enorm veel sporten terug. De laatste 25 jaar zijn zelfs bepaalde sporten specifiek ontwikkeld voor deze rassen, waarin hun doorzettingsvermogen en lange adem op een andere wijze gemeten en bewezen kunnen worden zonder de honden bloot te stellen aan hondengevechten. Naast het sporten zijn deze rassen ook talrijk vertegenwoordigt op de hondenshows en uiteraard als huis- en gezinshond.

Atletische hond

Dit is in het kort de geschiedenis van deze rassen en wanneer je naar een hond zoekt die bij jouw verwachtingen past kun je deze kennis niet overslaan of niet niet serieus nemen. Dit is waardoor jouw hond bestaat, dit draagt hij mee. En wanneer je dit verafschuwt, kun je jezelf afvragen of dergelijke hond wel geschikt is voor jou. Vergeet daarbij niet dat hun geschiedenis onze geschiedenis is, wij mensen hebben dit allemaal ooit verzonnen.

Nature or Nurture

Wat is dit nou precies? Er wordt veel over gesproken en er zijn ook heel veel meningen over. Bestaat die ‘aanleg’ eigenlijk wel en is dit dan niet weg te trainen?

Wij mensen, hebben honden geselecteerd op eigenschappen die ze geschikt maakte om de door ons bedachte taken voor ons uit te voeren, onder ons bevel.  Honden hebben hier zelf geen aandeel in gehad. Zij vonden zichzelf naar alle waarschijnlijkheid prima zoals ze waren. Maar toen wij honden als huisdier zijn gaan houden is er door ons enorm ingegrepen in de eigenschappen.  Wij hebben, in tegenstelling tot wat er soms beweerd wordt, het er niet in gefokt. In fokken is namelijk niet mogelijk. Je kunt alleen fokken met wat je hebt.

Bijvoorbeeld: We kunnen selecteren wat we willen maar we gaan katten niet laten blaffen. Het zit niet in de soort, dus het komt er ook niet uit. Wat we wel hebben gedaan is de eigenschappen die voor bepaalde taken zeer wenselijk waren, bij verschillende honden geselecteerd. Een van de bekendere voorbeelden is de zachte bek van de retrievers. Dit is eigenlijk niet iets dat bij een roofdier hoort. Toch is het de mens gelukt, door voornamelijk te fokken met individuen die dit bovengemiddeld vertoonden, honden te hebben die aangeschoten wild zachtjes vastpakken en onbeschadigd (door hondentanden) bij de jager terugbrengen. Uiteindelijk komt deze eigenschap, als het ware, aan de oppervlakte te liggen bij deze honden.

Foto: Kun je een border collie verzoeken niet meer te drijven, zou dit dan reëel zijn?

Dit zelfde is gedaan met border collies. Die honden die bovengemiddeld goed in staat bleken om schapen te drijven zonder ze te verwonden, veel uithoudingsvermogen en tegelijkertijd een hoge mate van volgzaamheid hadden, zijn geselecteerd in het fokbeleid. Over het algemeen kan iedereen die een beetje verstand van zaken heeft dit bovenstaande begrijpen. Maar nu komt het probleem. Het bovenstaande betreft honden die in de maatschappij door grote groepen mensen geliefd zijn. Het wordt al snel moeilijk als we het gaan hebben over de aanleg bij power breeds. Hoe geweldig we deze honden ook vinden, we kunnen en mogen niet ontkennen dat bij deze honden ook een selectie op eigenschappen heeft plaatsgevonden. Een selectie die ook deze honden geschikt maakte voor hun taken. 

Flexadin
Kwispelcoach

Rasgebonden eigenschappen

Molossers

Als we kijken naar de oorspronkelijke taken van de honden van het molosser type, kunnen we niet veel anders dan vaststellen dat deze honden bedoeld waren voor bloederige taken. Zij zijn the dogs of warthe estate guard/big herding dogs, the big game hunter. Honden die zelfstandig werkten. De hoge mate van volgzaamheid is bij deze honden dan ook ver(der) te zoeken. Om de aanval in te zetten naar mensen en/of grote zoogdieren als wolven, beren of wilde zwijnen, zijn er eigenschappen nodig als:

  • Hoge mate van territoriaal gedrag
  • Enorme loyaliteit naar de eigen groep
  • Zowel mentaal als fysiek krachtig
  • Moedig
  • Zelfverzekerd
  • Groot uithoudingsvermogen
  • Wendbaar
  • Volhardend
  • Snel
  • Vasthoudend
  • Beschermend naar eigen gezin, wantrouwend naar vreemden
  • Plotselinge uitbarsting van explosieve kracht kunnen ontwikkelen
  • Niet luidruchtig

Maakt het bovenstaande ze onmogelijk om te houden? Hier wordt het al moeilijker. Ze zijn zeker niet onmogelijk om te houden maar ze gedijen niet overal even goed. Als je als hond het in je hebt om een bovengemiddelde intolerantie te tonen naar niet-groepsleden en ook nog eens zwaar territoriaal gedrag vertoont, mag het duidelijk zijn dat veruit de meeste exemplaren niet goed zullen functioneren  in een zeer drukke leefomgeving. Als daar ook nog eens van ze wordt verwacht dat ze Jan en alleman leuk vinden die hun terrein op komt, zijn problemen niet ondenkbaar.

Molossers eigenschappen

Foto’s: links Doggo Argentino op zwijnenjacht, rechts Alabai waakzaam op het terrein.

De Bull & Terriërs

Over de jachthonden zijn we het allemaal wel met elkaar eens dat het jagen erin zit, bij border collies kunnen we ook begrijpen dat het drijven en hoeden van nature bij de hond in het gedrag verankerd zit. Bij de rassen die eeuwenlang voor gevechten zijn gefokt wekt de benaming ‘vechthond’ een enorme aversie op. Op veel facebookpagina’s ontstaan onder topics eindeloze discussies waarin mensen zeer emotioneel worden wanneer hun geliefde hond ‘vechthond’ genoemd wordt, rasgebonden eigenschappen worden ontkend en zelfs de gedocumenteerde rasgeschiedenis wordt compleet uit zijn context getrokken. Er wordt beweerd dat het nanny-honden waren, herdershonden of boerderijhonden. Een kern van waarheid zit er natuurlijk altijd in deze informatie. De Engelse staffordshire bull werd in de 18e eeuw niet alleen voor gevechten gebruikt. De hond leefde in het gezin en werd daarbij ook ingezet voor bijvoorbeeld de jacht op onder andere ratten. Net als vele werkhonden is hun taak contextgebonden, de boerderijdieren werden met rust gelaten maar wanneer er gewerkt moest worden konden de honden prima schakelen. Honden waren geen luxe dieren, buiten dan de jachthonden van de adel, honden werden ingezet waar ze konden. Hoofddoel en grote inkomstenbron waren natuurlijk wel de gevechten waardoor het hoofddoel van fokselectie dan ook lag op honden die de eigenschappen bezaten die ten goede kwamen in het vechten en daarbij een hoge tolerantie en liefde voor de mens hadden.

Een nieuw fenomeen is de vechthond niet. Bloodsports zoals de Engelse benaming luidt, is al zo oud als de mensheid kun je bijna zeggen. Eeuwenlang is er over de hele aardbol gevochten met honden en andere dieren, zelfs in de huidige tijd is in Spanje het vechten met stieren nog steeds een onderdeel van de cultuur. Dit is het laatste restje van het fenomeen ‘Bull baiting’ dat in heel Europa een vrij normaal iets was.

Maakbaarheid

Kun je het er uit trainen?

Het is absoluut van groot belang dat we vanaf het allereerste begin een goede begeleiding geven aan deze honden. Maar als ik nu vraag om een border collie te verzoeken niet meer te willen drijven, zou dit dan reëel zijn? En zou het haalbaar zijn? Zou deze hond op onbewaakte ogenblikken niet toch zijn behoefte willen bevredigen?  We zien tijdens een periode waarin de border collie enorm populair is geworden, een toename van problemen met het houden van deze honden. Dit lijken veel hondenliefhebbers te begrijpen en zelfs logisch te vinden. Toch is het in de wereld van de ‘powerbreeds’ anders. Veel te veel eigenaren doen hun best om de aanleg te bagatelliseren. “Ze zijn heel lief en trouw”, “Het ligt allemaal aan de opvoeding”, “Ik heb controle over mijn hond, dus hij gaat niets doen”, zijn uitspraken die we maar al te vaak horen. Ik kan me best voorstellen dat, in een wereld waarin de honden nog steeds onder vuur liggen, eigenaren/liefhebbers hun uiterste best doen ze te beschermen tegen een volgende B.S.L (Breed Specific Legislation). Hoe begrijpelijk deze poging tot beschermen van de rassen ook is , zijn wij van mening dat het ontkennen van de aanleg, een groot onderdeel van het probleem is. We zien deze rassen het liefst behouden tot in de eeuwigheid. Maar we moeten eigenaren dan wel gaan uitleggen dat, waar het bij een border collie niet reëel is om te vragen nooit meer te willen drijven, we van deze honden ook niet kunnen verwachten dat zij hun aanleg nooit meer zullen tonen. Naar ons idee is het beter om de aanleg absoluut te erkennen en eigenaren hierop te laten anticiperen. Hoe beter je weet dat een vrachtwagencombinatie enorme schade kan maken als je hierdoor wordt aangereden, hoe voorzichtiger je ermee manoeuvreert. Dit moet ook bij deze honden zo zijn. Weten wie ze zijn en wat ze kunnen, zou er toe moeten leiden dat eigenaren de honden veilig houden. 

Meer dan alleen genetische predispositie

Een hond is uiteraard meer dan alleen de geschiedenis van het ras. Waar we echter wel vanuit moeten gaan is dat deze genetische selectie wel de basis vormt voor het bestaan van het ras. Het is dat wat hem onderscheidt van andere rassen. Een hondenras is geselecteerd op een aantal kwaliteiten waarmee hij zijn oorspronkelijke taak kan doen. Naast de rasspecifieke eigenschappen zijn milieu factoren ook belangrijk, onder andere:

  • Hoe waren de omstandigheden van de zwangere teef
  • Stond de moeder bloot aan veel stress
  • Hoe ging de fokker om met de honden
  • Hoe oud is de pup geplaatst
  • Wat zijn de leerervaringen van de hond
  • Hoe wordt de aanleg begeleid bij de eigenaar

Ook specifieke fokselectie is belangrijk in de hond. Bijvoorbeeld generaties doelgericht gefokt voor de show of komt de hond uit werklijnen? Al deze factoren maken veel verschil in de vorming van het karakter van de hond.

Predatiegedrag

Predatiegedrag wordt vaak op een lijn gezet met agressie terwijl deze twee niets met elkaar van doen hebben. Predatiegedrag is geen affectieve agressie (agressie vanuit emotie). Agressie kan voortkomen uit een emotie maar predatiegedrag is emotieloos. Een roofdier is niet boos op zijn prooi. Hoe gek het ook klinkt, maar in de jacht is hij niet eens blij om de prooi te zien.  Predatiegedrag is een natuurlijke drift van een hond om te najagen, vangen en vast te grijpen en zoals je kunt lezen in de geschiedenis van de Bull & Terriërs- en Molossers is dit waar ze op geselecteerd zijn. Het is dit gedrag dat vaak het probleem vormt bij de rassen van het terriërtype. Bij de Molossers zien we de problemen meer op het gebied van intolerantie ten opzichte van niet-groepsleden en territoriaal gedrag, hoewel ook zij predatiegedrag in kunnen zetten ten opzichte van soortgenoten.

Een bijkomend probleem van dit gedrag is dat de honden hierdoor slecht te lezen zijn. Predatiegedrag, oftewel de ‘stille agressie’,  maakt dat de signalen die de honden geven subtiel zijn. Als roofdier wil je niet opvallen en je prooi verjagen. Aannemelijk is dat dit de basis vormt voor wat we noemen ‘microcummunicatie’ bij deze rassen. Dit wil echter niet zeggen dat deze honden helemaal geen enthousiaste en/of uitgesproken signalen kunnen geven. We zien deze microcommunicatie met name als ze sterk op iets gefocust zijn.

Tegemoet komen aan behoeftesWe kunnen niet om de aanleg heen of selectief er uit pakken wat jou wel of niet bevalt. Wat wel kan, is deze aanleg meenemen in de opvoeding en training. Ook het tegemoetkomen aan bepaalde behoeftes van je hond zodat de eigenschappen niet onderdrukt worden maar gekanaliseerd. Denk daarbij aan sport, beweging en spel.

Belangrijk is om een goede match te vinden van hond en baas. Iemand die actief wil zijn in sport, zal gaan voor een werklijn en minder gelukkig zijn met een hond uit een pure showlijn. Uiteraard zijn er ook honden die op beide vlakken zullen scoren. Maar je bewust zijn van de achtergrond maakt dat je de hond kan geven wat hij nodig heeft en hem hierdoor verantwoord door de maatschappij kan leiden. 

Management is key

Zoals aangegeven is het niet mogelijk om de aanleg even weg te trainen. Uiteraard is het mogelijk om ook deze honden, middels een aantal basis commando’s, door de maatschappij te leiden. Maar wanneer is het nou verantwoord en wanneer neem je misschien toch iets te veel risico’s?

Lees je hond! Weet wanneer jouw hond in focus gaat. Ken de opwindingssignalen en doe daar niet te luchtig over. Natuurlijk zijn deze honden niet allemaal bloeddorstige monsters. Ook deze honden hebben hun vriendjes waar ze goed mee overweg kunnen. En toch moet je als eigenaar op blijven letten. Ze slaan razendsnel om. Zodra er irritatie ontstaat, kiest hun brein sneller voor de aanval. Iedere nieuwe ontmoeting moet gecontroleerd gaan. Wees selectief in het ontmoeten van andere honden. Voor veel honden van deze rassen is vriendschappen aangaan met goede begeleiding prima. Toch zijn individuen binnen deze rassen die niet hondvriendelijk zijn en dit ook nooit zullen worden. Ga daar dan ook verantwoordelijk mee om en dwing te hond niet om te zijn wat hij of zij niet is. Ze vallen niet alleen onder jouw verantwoordelijkheid, maar hebben ook recht op jouw respect.

Zijn wij dan tegen het socialiseren met andere honden? Zeker niet! Over het algemeen zien we deze honden, zolang ze nog niet hormonaal en mentaal volwassen zijn, prima met vreemde honden overweg kunnen. De omslag komt later. Veel eigenaren vertellen, veelal teleurgesteld, dat de honden het aanvankelijk allemaal zo goed deden en nu ineens veranderen. Ze hebben vaak het idee dat zij gefaald hebben in de opvoeding. Niets is minder waar. Dit is de genetische predispositie oftewel de aanleg. We zien dit ook bij de waak- en verdedigingshonden. Zodra de honden volwassen worden, zij hun oorspronkelijke taken serieuzer nemen. Bij de Molossers- en Bull & Terriërs zie je dat hun houding ten opzichte van soortgenoten anders wordt. Belangrijk is dat je dit als eigenaar herken, verantwoordelijk neemt en goed management to past bij de hond en omgeving.

Helaas zien we dat het bovenstaand te vaak ontkent wordt. We zien dit bij een bepaalde groep eigenaren van deze rassen en/of bij veel self made deskundigen. Goedschiks of kwaadschiks wordt er geprobeerd deze honden socialer naar andere honden te krijgen als een bewijs dat het wel kan. Hierbij wordt het gebruik van zeer aversieve methoden niet geschuwd. Het lijkt een prestige kwestie te zijn geworden waarbij het welzijn van hond en omgeving ondergeschikt raakt. Het resultaat is veelal een onderdrukte hond, die niet mag zijn wie hij is.

Ook voor goed opgeleide trainers is het van belang dat zij, in de begeleiding van de eigenaar, aangeven dat dit gedrag in de aanleg zit. Dit is geen falen in jouw of hun begeleiding. Er moet echter wel worden gewerkt aan het ombuigen/ kanaliseren van dit gedrag. We kunnen het niet gewoon zo laten, omdat het er nu eenmaal in zit. Een vaardig trainer kan dit zonder terug te vallen op methoden uit het stenen tijdperk. Ombuigen is niet hetzelfde als afleren en correctie is niet het equivalent van pijn doen.

Solitair eigenaarschap

Honden in een vormpje stoppen waar ze niet in passen is bijzonder oneerlijk. Het levert onderhuids frustratie op. Wij kunnen ook niet een leven lang een masker ophouden. Op een dag of op een onbewaakt ogenblik barst de bom. De gevolgen zijn dan vaak enorm. Jij hebt zelf voor deze hond en dit type gekozen, dus is het jouw taak om voor rust en veiligheid te zorgen. Ook ten opzichte van je eigen hond. Veel van deze honden doe je helemaal geen plezier met het ontmoeten van allemaal soortgenoten. Zij vinden hun eigen groep prima, maar hebben heel weinig behoefte aan contact met niet-groepsleden. Het idee dat honden altijd maar met allemaal vreemde hondjes moeten spelen, is zeker voor deze honden niet altijd waar. Wij mensen willen ook niet met iedereen ‘gezellig’ uit eten. Waarom blijven we toch denken dat dit voor honden wel zo is? Het is een solitair eigenaarschap. Jij met je hond(en) heerlijk in alle rust, genietend van elkaars aanwezigheid. Bedenk ook dat je als eigenaar van deze honden een extra verantwoordelijkheid draagt. Jij hebt een hond die, onder verkeerde omstandigheden, bovengemiddeld schade aan zou kunnen richten. Jij hoort er voor te zorgen dat de kans hierop tot een minimum beperkt blijft. Gelukkig zijn de meeste eigenaren van deze honden zich hiervan bewust.

Hou ze vast

Voor honden die zo krachtig en soms ook zo explosief kunnen reageren, mag het hebben van de juiste halsbanden en lijnen niet ontbreken. Een lijntje of tuigje van de supermarkt is niet geschikt. De sluitingen zijn niet van de juiste kwaliteit. Honden zijn slim. Ze weten heel goed hoe ze zich uit bepaalde halsbanden of tuigen moet wurmen. Zorg voor de juiste tuigen of halsbanden. Denk eraan, een mooi uitziende halsband is niet per definitie een goede halsband.

Management

Ondanks dat er veel weerstand is tegen een half check, is dit type halsband bij uitstek geschikt, omdat de hond zijn hoofd er niet uit kan trekken als hij zich achterwaarts beweegt. Op deze halsbanden zit een zgn. stopring waardoor hij niet als wurgband kan worden gebruikt. De breedte zorgt ervoor dat de band minder druk op het strottenhoofd geeft waardoor er minder trigger is. Dit laatste wil je eigenlijk namelijk zo veel mogelijk voorkomen. Hoe lager in de opwinding, hoe makkelijker de hond nog uit het gedrag te halen valt.

Aanschaf en fokkers van hoog-risico honden

Heel belangrijk daarbij is dat fokkers een goede basis leggen voor de honden die zij fokken. Goede, bij voorkeur geteste, ouderdieren, goede en prikkelrijke leefomgeving voor de pups en een goede begeleiding van de pupkopers. Dit moet een garantie worden dat je een pup bij een goede fokker koopt. Pups uit de flatfok of van Marktplaats  komen in de praktijk vaker in de problemen dan de honden die gefokt worden binnen de regels van de rasvereniging. Het lijkt het probleem van deze tijd. Buiten de reguliere fok om wordt er  zoveel met elkaar gekruist. De nieuwe rage binnen de hondenwereld is de Designer Hond. Momenteel bestaan er veel aanverwante en recent ontwikkelde rassen die vanuit de Staffordshires en American pit bull terriers vermengd zijn met mastiffs en/of bulldoggen, denk aan de diverse American bullies die daarom ook gedragseigenschappen van de Mastiffs en Bulldoggen en Terriërs kunnen bezitten. Dit is een minder fijne combinatie dan je zou willen.

Daarnaast zijn er veel mixen/kruisingen die onterecht vaak de titel Pitbull krijgen of Stafford. De naam ‘Pitbull’ is helaas een parapluterm voor rassen en kruisingen. Dit heeft als gevolg dat bij bijtincidenten al heel snel de bijtende hond Pitbull of Stafford genoemd wordt en dit ten nadele van de hele rasgroep. Zowel de American Staffordshire terriër en de American Pitbull bestaan. Maar niet alle honden met een gespierd lichaam en grote kop vallen onder deze rassen.

Je kunt je voor stellen dat uit een kruising van een Amerikaanse stafford met een Boerboel een prachtig uitziende hond voortkomt, maar dat het karakter van de hond absoluut zal verschillen met zijn voorouders. Maar juist daar zit het probleem. Er is niets meer te controleren of te verwachten. Ook qua gezondheid niet. Hoe vaak een bepaalde groep ook roept dat we allemaal kruisingen moet fokken omdat die gezonder zijn, het is niet juist. Met een beetje pech dragen de nakomelingen de genetisch overdraagbare aandoeningen van beide ouderdieren. De lukraak gekozen combinatie en ongecontroleerde bloedlijnen zorgen nu juist bij deze groep voor veel problemen. Helaas reikt dit verder dan het huis van de eigenaar. Het zorgt ook voor problemen in de maatschappij. Dit is grotendeels te voorkomen door je verantwoording al te nemen bij aanschaf van de hond.

Ja, deze hondjes zijn vaak duurder. Daar investeert een fokker ook in. Het opvoeden van de moeder, het doen van alle vereiste gezondheidsonderzoeken, de gedragstest en de intensieve begeleiding om de pups een zo goed mogelijke start te geven. Dit kan betekenen dat je even op een wachtlijst komt voor een pup. Goede honden kun je nu eenmaal niet op afroep fokken. Je moet het niet eens willen!

Als je het bovenstaande goed hebt door gelezen kun je inzien dat een de combinatie van rasspecifieke eigenschappen en stress niet echt wenselijk zijn. Een evenwichtige hond die weliswaar hoog in drift staat, geeft een goede actieve (werk/sport) hond. Maar een gefrustreerde hoog in drift staande hond geeft een onbetrouwbare hond. Deze honden hebben baat bij rust en regelmaat en voorspelbaarheid. Waar opwinding je probleem is, is rust je oplossing.

Tot slot in het kort:

Nee! Het zijn geen bloeddorstige monsters. Er loopt geen T- Rex op straat.

Het zijn uiteindelijk allemaal honden. Honden, met stralende ogen en een blij hartje.

Maar in hemelsnaam, zorg dat je als eigenaar je verantwoordelijkheid neemt. Door inzicht te hebben in het ras en het gedragseigenschappen van je hond.

Ontkennen van de genetische predispositie maakt je onderdeel van het probleem. Houd je hond aan de lijn en uit de problemen.

Jouw hond en deze hele groep honden zijn het waard om een verantwoordelijke eigenaar te hebben. Alleen zo kunnen we ze behouden voor de toekomst!

Thomas
Thomas

Credits

Dit artikel is geschreven door Elina Walter van Hondenschool Dogz4Life en Wendy Las van Bennekom van Molosser Training Center.

Elina en Wendy

Reacties

Zie je hieronder geen reacties? Lees hier dan hoe je reacties eenvoudig kunt activeren.

Doggo.nl

Doggo maakt gebruik van cookies voor het analyseren van onze bezoekers, social media en het tonen van advertenties. meer informatie

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close