De link tussen de darmen en de hersenen
We komen steeds meer te weten over de werking van de hersen-darm as (of gut-brain axis) en welke invloed de darmen hebben op de hersenen en de aanmaak van neurotransmitters. Denk hierbij aan serotonine, dopamine en GABA en deze neurotransmitters hebben op hun beurt weer invloed op stemming en impuls controle.
Het is bekend dat een verstoord microbioom impact heeft op mentale gezondheid en gedrag. Bij onze honden zien we dat bepaalde gedragingen zoals angst, hooggevoeligheid en abnormaal gedrag gelinkt kunnen worden aan een disbalans in de samenstelling van de darmflora.
Verhoogde stress
We weten o.a. dat darmbacteriën korte keten vetzuren produceren die goed zijn voor hersenfuncties, immuunsysteem en stressregulatie (cortisol). Een tekort aan korte keten vetzuren kan leiden tot een overdreven en langdurige stressreactie. Een hond reageert dan emotioneler en heftiger op zijn omgeving. Het zenuwstelsel blijft als het ware in hoge staat van paraatheid.

De invloed van het microbioom op het gedrag van je hond
Braken en diarree zijn duidelijk zichtbare symptomen van darmproblemen die iedereen wel herkent. Maar wist je dat bepaalde (voor ons) ongewenste gedragingen ook kunnen duiden op maag-darm problematiek?
Wat eruitziet als dwangmatig of abnormaal gedrag is heel vaak een noodkreet van de darmen.
- Dwangmatig likken van oppervlakken, lucht of objecten
- Liplikken (los van sociale interactie of eten)
- Overdreven pootjes likken
- In de lucht happen (alsof er een vlieg is)
- Pica: het eten van niet-eetbare voorwerpen
- Poep eten
- Overmatig destructief slopen, spullen kapot maken
- Rijden
- Zuiggedrag op bijvoorbeeld een deken
- Eten van gras, planten of aarde
- Repetitieve gedragingen
- Overmatig hijgen of slikken (kan te maken hebben met oprispend maagzuur)
- Knabbelen met de voortanden als een vorm van coping gedrag
- Kieskeurig eten
- Reactiviteit
- Hyperactiviteit (denk aan repetitief opspringen, beet pakken en schudden)
- Rusteloosheid
- Angst
Een hond zet deze gedragingen in, omdat hij zich misselijk voelt of buikpijn heeft. Ze zorgen ook voor de afgifte van endorfines die de stress en/of pijn tijdelijk verlichten. Overmatig oraal gedrag komt vaak voor, denk aan likken, happen, slopen, zuigen etc.
Dysbiose
Carol Hughes, microbioloog en expert in het microbioom bij honden, vergelijkt het microbioom met een ecosysteem. Vergelijk het met bijvoorbeeld het Great Barrier Reef, een zeer gevoelig ecosysteem wat volledig in harmonie is met alle organismen die er in leven. Wordt dit verstoord door bijvoorbeeld chemicaliën dan kan dat een enorme impact hebben. Er zullen nuttige soorten sterven, de diversiteit neemt af en sommige slechte soorten nemen juist de overhand. De balans is zoek met alle gevolgen van dien.
Hughes legt uit dat sommige honden zo’n 400 verschillende soorten bacteriën in hun darmen hebben, andere hebben er duizenden. Diversiteit is belangrijk, maar ook wélke bacteriën de darmen bevolken. Dysbiose is de disbalans in de samenstelling van het microbioom, waarbij de verhouding tussen gunstige en schadelijke micro-organismen is verstoord, vaak door afname van diversiteit of toename van het aantal ‘slechte’ bacteriën.
Je zou denken dat je dit aan de ontlasting wel zou kunnen zien. Maar een “goede” drol is geen garantie voor een gezond of divers microbioom. Ook sluit dit problemen in het zenuwstelsel van de darm of ontstekingen niet uit.
Wat heeft een positieve invloed op het microbioom van je hond?
Ik las ergens online deze zin en die is me bij gebleven: “Feed your dog’s microbiome, not just your dog.” Kortom: je dient niet alleen je hond te voeden, maar ook de darmbacteriën. Hoe doe je dat?
Het is belangrijk dat het microbioom van je hond structureel wordt aangevuld met een nieuwe diversiteit aan bacteriën (probiotica) en dat je deze bacteriën voedt (prebiotica) zodat ze hun nuttige werk kunnen doen.
- Probiotica. Dit zijn levende bacteriën die je in voeding kunt vinden (yoghurt, kefir, zuurkool etc) of die je middels speciale voedingssupplementen voor honden aan je hond kunt geven.
- Prebiotica. Oplosbare vezels welke te vinden zijn in o.a. fruit, wortelgewassen (biet, cichorei, wortel, gember, kurkuma), paddestoelen en bonen. Deze vezels fermenteren in de dikke darm en vormen korte keten vetzuren die ontstekingen kunnen verminderen en de darmgezondheid bevorderen.
- Postbiotica. Dit zijn de goede stofjes die de bacteriën in de darmen (de probiotica) produceren. Het kan ervoor zorgen dat je darmomgeving zuurder wordt, wat gunstig is voor de toename van goede darmbacteriën.
- Rauw vlees. Niet iedereen is voorstander, maar toch wil ik duiden op wetenschappelijk onderzoek wat heeft aangetoond dat honden die rauwe voeding krijgen een diverser microbioom hebben dan honden die brokken krijgen. Dat is ook logisch, want ultra bewerkt voedsel (zoals brokken) ondergaat intensieve industriële processen zoals verhitting waarbij bacteriën gedood worden.
- Bodembacteriën. Niet alle nuttige bacteriën komen uit voeding, ze zijn in principe overal! Bacteriële organismen die van nature in de bodem en het water voorkomen zijn erg nuttig voor het microbioom. Bodembacteriën zijn krachtige middelen tegen o.a. ontstekingen en stress, en ze helpen bij het opbouwen van sterke bacteriekolonies in de darmen. Honden vinden het heerlijk om in de modder te rollen, te graven, zwemmen of uit een plas water te drinken. Dit heeft als voordeel dat ze in aanraking komen met deze bacteriën. (Uiteraard geldt dit niet in een omgeving waar met pesticiden wordt gewerkt!)
- Variatie in het dieet. Zorg voor diversiteit! Dat is niet alleen gezonder, maar voor je hond ook prettiger om niet steeds hetzelfde te moeten eten.

Wat heeft een nadelige invloed op het microbioom?
Soms kun je er niet omheen, maar het is goed om te weten dat dit wel een nadelige invloed heeft:
- Ontwormingstabletten bestrijden parasieten, maar beschadigen ook het microbioom.
- Antibiotica doodt bacteriën (of remt de groei), het maakt geen onderscheid tussen goede en slechte bacteriën.
- Glyfosaat, een werkzame stof in bestrijdingsmiddelen.
- Maltodextrine, is een snel verteerbare suiker uit zetmeel van o.a. maís of aardappelen. Het biedt geen voedingswaarde en kan de darmflora nadelig beïnvloeden. Het wordt veel gebruikt in ultra bewerkt voedsel en het werkt ontstekingbevorderend.
- Alleen maar ultra bewerkt voedsel geven.
Hoe kun je het microbioom herstellen?
Hoe weet je of je hond een verstoord microbioom heeft? Dit kun je laten onderzoeken door je dierenarts, maar ook rechtstreeks door Biome4Pets. Je kunt via de website een testkit bestellen en een beetje ontlasting van je hond laten onderzoeken.
Als het microbioom dermate ernstig verstoord is, kan een poeptransplantatie een oplossing bieden. In het Engels wordt dit een “Faecal Mass Transplant” (FMT) genoemd. Hierbij wordt poep gebruikt van gezonde donorhonden.
- Er bestaan capsules met darmflora van gezonde donorhonden. Biome4Pets doet al sinds 2019 onderzoek en verkoopt testkits om het microbioom van een hond te testen. Op basis van de uitslag adviseert men een specifieke FMT die past bij het profiel van de hond. Op deze manier kan het microbioom weer hersteld worden. Mocht je geïnteresseerd zijn, dan kun je lid worden van de Facebookgroep van Biome4Pets. In deze groep wordt kennis gedeeld en je kunt er vragen stellen.
- Een klein aantal gespecialiseerde dierenklinieken in Nederland biedt poeptransplantatie aan. Hierbij wordt via een katheter ontlasting van een gezonde donorhond ingebracht via de anus van de zieke hond. Deze behandeling wordt o.a. succesvol toegepast bij honden met een chronische darmziekte of puppy’s met een infectie met het Parvo-virus.
Gedrag is een puzzel
Uiteraard komen niet alle gedragsproblemen voort uit een onevenwichtig microbioom. Er zijn veel factoren die daar een rol in spelen, denk aan genetica en epigenetica, opvoeding, pijn en leerervaringen, en zo is ook het microbioom een stukje van de puzzel. Als je het gedrag van jouw hond herkent in dit artikel, dan is het zeker een goed idee om op onderzoek uit te gaan om zo je hond te helpen beter in zijn vel te gaan zitten.
Referenties
- Frank et al. (2012, 2014) at the University of Montreal pioneered the link, showing behaviours like fly-biting and excessive licking of surfaces (ELS) were often signs of underlying GI disease, not purely psychological OCD
- Volkmann et al. (2021) confirmed ELS is a significant marker for GI abnormalities like IBD and pancreatitis
- Vaughn et al. (2022) linked pica and destructive chewing to histologically confirmed GI inflammation
- Bécuwe-Bonnet et al. (2012) Gastrointestinal disorders in dogs with excessive licking of surfaces
- Suchodolski (2011) Intestinal Microbiota of Dogs and Cats: A Bigger World than We Thought
- Arnold (2018) Maltodextrin, Modern Stressor of the Intestinal Environment
- Dogs naturally – Feed Your Dog’s Microbiome (Not Just Your Dog)
- Dogs naturally – 6 Natural Prebiotics For Dogs: Why Probiotics Aren’t Enough!
- National Geographic: Deze bacterie in de aardbodem zorgt voor een gezonder lichaam
- Podcast: Brain and Behaviour, episode 18 – Microbes, Meals and Mood: Nutrition role in behaviour – Alyssa Ralph
- Podcast: My Dog Made Me Do It… Naturally, episode with Carol Hughes, leading expert in the canine microbiome
Credits
Dit artikel is geschreven door Debby van Dongen, eigenaar van Doggo.nl.











