Waarom autonomie zo belangrijk is voor een hond

De hond is zoveel meer dan alleen een huisdier

We zorgen beter voor onze honden dan ooit. Ze krijgen goed voer, medische zorg, bescherming en een comfortabele plek om te leven. Toch zien we veel honden met gedrag waar hun mensen zich geen raad mee weten: uitvallen, blaffen, slopen, jagen, onrust, problemen met alleen zijn, bezoek of aanraking.

Maar: als we zo goed voor onze honden zorgen, waarom hebben zoveel honden dan zoveel moeite met hun gedrag?

Misschien kijken we te veel naar wat een hond van óns krijgt en te weinig naar hoe het voor hem is om zijn leven te leiden. Een hond kan gezond, veilig en comfortabel leven en tegelijkertijd nauwelijks invloed hebben op wat er met hem gebeurt. En juist daar ligt een belangrijk onderdeel van hondenwelzijn: autonomie.

Thomas

Niet de vrijheid om alles zelf te bepalen, maar de mogelijkheid om binnen veilige grenzen keuzes te maken, initiatief te nemen en invloed te hebben op wat er gebeurt.

Van werkhond naar huishond

Honden leven al eeuwenlang samen met mensen. We hebben ze generaties lang geselecteerd op gedrag dat ons mensen in ons dagelijks leven hielp: jagen, drijven, bewaken, zoeken, apporteren, vernietigen en samenwerken. Dat betekent dat veel van die gedragsneigingen nog altijd sterk aanwezig zijn in bepaalde rassen.

Werkhond met een taak

De leefomgeving van onze honden is echter enorm veranderd. De hond die vroeger dagelijks kon zoeken, drijven, bewaken of jagen, oftewel een taak had, woont nu misschien in een huis en moet vooral rustig meelopen in onze mensenwereld. Zijn (*) aanleg is daarmee niet verdwenen.

Een hond die vanuit zijn genetische aanleg voortdurend beweging wil controleren, alles wil bewaken, wil graven of sterk reageert op geuren en bewegingen, doet dat niet om ons dwars te zitten. Wat generaties lang in een ras is geselecteerd, zit er nu eenmaal in.

Het probleem is dat de omgeving waarin we die hond houden daar lang niet altijd meer bij past. De moderne huishond hoeft niet meer te werken om bij ons te mogen wonen. We hebben zijn leven veiliger en comfortabeler gemaakt. Dat is uiteraard mooi.

Maar tegelijkertijd hebben we bijna alles voor hem georganiseerd. Wij bepalen wanneer de deur opengaat, wanneer hij eet, wanneer de wandeling begint en wanneer er gespeeld wordt. Tijdens de wandeling bepalen we vaak de route, het tempo en wanneer we weer naar huis gaan.

Een hond hoeft misschien minder dan ooit, maar hij bepaalt ook minder dan ooit.

Hoeveel keuzes heeft jouw hond eigenlijk?

Kijk eens naar een gewone dag. Wij bepalen wanneer hij opstaat, eet en naar buiten gaat. We bepalen waar hij loopt, of en met wie hij contact heeft en wanneer hij weer naar huis moet.

Veel honden brengen bovendien het grootste deel van hun dag binnen vier muren door, in een wereld die grotendeels door ons wordt bepaald. Ze kunnen niet zelf naar buiten, op onderzoek uitgaan of ergens anders naartoe wanneer ze daar behoefte aan hebben. Ze wachten tot wij tijd voor ze hebben.

Voor ons voelt dat normaal. Een hond is immers afhankelijk van ons. Maar afhankelijkheid betekent niet dat een hond geen behoefte heeft aan invloed op zijn eigen leven.

We kunnen hem binnen veilige grenzen bijvoorbeeld laten kiezen of hij contact wil of liever afstand houdt. We kunnen zijn rust beschermen, hem tijd geven om te snuffelen en hem soms zelf een richting laten kiezen. Ook kunnen we leren herkennen wanneer hij wil spelen, wanneer hij genoeg heeft gehad en wanneer hij met rust gelaten wil worden.

Dat lijken kleine dingen. Voor een hond betekenen ze dat zijn gedrag invloed kan hebben op wat er daarna gebeurt.

Een hond die nooit iets mag kiezen, leeft misschien veilig. Maar leeft hij ook met voldoende invloed op zijn eigen leven?

Tractive

We verwachten veel van honden

Een hond leeft in een wereld die door mensen is ingericht. Wij begrijpen waarom iemand aanbelt, waarom we naar de dierenarts gaan of waarom er plotseling bezoek komt. Een hond krijgt die uitleg niet.

Hij moet zijn wereld begrijpen via lichaamstaal, geluiden, bewegingen en geuren. Vooral geur is voor een hond een belangrijke bron van informatie. Wanneer hij uitgebreid snuffelt, is hij dus niet zomaar afgeleid. Hij onderzoekt zijn omgeving.

Toch verwachten we vaak dat hij zich moeiteloos aanpast aan ónze manier van leven. Hij moet rustig blijven, bezoek accepteren, andere honden negeren of vriendelijk begroeten en zich aanpassen aan verkeer, geluiden, kinderen en drukte.

Dat zijn nogal wat verwachtingen.

Een hond is geen apparaat dat je zo afstelt dat hij zich altijd gedraagt zoals wij dat prettig vinden. Hij is een levend wezen met eigen behoeften, voorkeuren en grenzen.

Mag een hond dan zomaar alles doen?

Nee. Het betekent niet dat hij zomaar alles mag doen. Dat wil een hond ook helemaal niet, een hond voelt zich veilig als hij weet wat de grenzen zijn en wat voorspelbaar is. Wij zijn verantwoordelijk voor zijn veiligheid en moeten hem leren omgaan met de wereld waarin hij leeft.

Maar er is een verschil tussen een hond leren functioneren in onze samenleving en verwachten dat hij zich voortdurend gedraagt op een manier die vooral voor óns gemakkelijk is. Wanneer een hond iets doet wat wij niet willen, is het daarom goed om eerst te vragen:

Waaróm doet hij dit? Want gedrag heeft altijd een reden.

Een hond die uitvalt, blaft of gromt, is niet simpelweg ongehoorzaam. Een hond die wegloopt, probeert ons niet te negeren. En een hond die geen contact wil, is niet ongezellig of asociaal.

Gedrag heeft een functie.

Een hond die steeds wordt benaderd terwijl hij afstand probeert te nemen, kan uiteindelijk krachtiger gaan communiceren. Een hond die nergens heen kan wanneer iets hem te veel wordt, kan steeds meer spanning opbouwen.

Dat betekent niet dat ieder gedragsprobleem door een gebrek aan autonomie ontstaat. Erfelijke aanleg, gezondheid, ervaringen, leerprocessen en omgeving spelen allemaal een rol.

Maar welzijn en gedrag zijn wel met elkaar verbonden. Daarom is het bij gedragsproblemen interessant om niet alleen te vragen:

“Hoe krijgen we dit gedrag anders?” maar juist “hoe ziet het dagelijkse leven van deze hond er uit?”

Autonomie is geen luxe

Autonomie klinkt misschien als iets extra’s. Maar het gaat om iets heel basaals: invloed kunnen hebben op wat er met je gebeurt.

Dat begrijpen wij mensen misschien beter dan we denken. Tijdens de coronaperiode konden we relatief veilig blijven leven, maar door alle regels verloren we een groot deel van onze vrijheid en autonomie. We konden niet zomaar gaan en staan waar we wilden, mensen ontmoeten, reizen of ons dagelijks leven zelf vormgeven. Veel mensen hebben dat als zwaar ervaren en bij sommigen zijn de gevolgen nog steeds voelbaar.

Voor een hond is zijn afhankelijkheid van ons normaal. Maar dat betekent niet dat het ontbreken van invloed geen gevolgen kan hebben. Juist daarom zijn dagelijkse, veilige en kleine keuzes belangrijk.

Geef je hond ruimte

Je hoeft daarvoor het leven van jouzelf en de hond niet totaal om te gooien.

  • Laat hem zelf aangeven of hij contact wil. Als hij wegloopt, respecteer dat. Bescherm zijn rust en laat hem slapen zonder steeds gestoord te worden.
  • Geef hem tijdens een wandeling tijd om te snuffelen. Voor ons is een wandeling vaak een rondje; voor een hond is het een belangrijke manier om zijn omgeving te onderzoeken. Laat hem, wanneer dat veilig kan, soms zelf een richting kiezen.
  • Geef daarnaast ruimte aan natuurlijk gedrag. De ene hond wil zoeken, de andere graven, dragen, apporteren of samenwerken. Sommige honden hebben juist vooral behoefte aan rust.

Juist hier ontstaat soms een merkwaardige tegenstelling. Gedrag dat ooit bewust in honden is gefokt omdat het ons hielp, wordt in het moderne huishouden ineens als lastig gezien.

Maar wat in de genen zit, kun je er niet simpelweg uit trainen. Je kunt jezelf en de hond wel leren ermee om te gaan en hem op een veilige manier de mogelijkheid geven om zijn natuurlijke behoeften te uiten.

Zo geef je een hond niet alleen iets te doen, maar ruimte om hond te zijn.

“Dogs do not have to learn to be dogs, they need space to be dogs.” ~ Sindhoor Pangal

Autonomie kan gedragsproblemen helpen voorkomen

Autonomie is geen oplossing voor ieder gedragsprobleem. Grenzen, begeleiding en veiligheid blijven noodzakelijk. Bij ernstige problemen kunnen aanpassingen in de omgeving, training, professionele begeleiding of onderzoek naar lichamelijke oorzaken nodig zijn.

Maar meer invloed kan wel helpen om omstandigheden te veranderen.

Een hond die afstand kan nemen, hoeft misschien minder snel te escaleren. Een hond die voldoende rust krijgt, kan minder overprikkeld raken. Een hond die mag snuffelen en onderzoeken, krijgt ruimte voor gedrag dat voor hem betekenisvol is.

Misschien moeten we honden weer wat meer hond laten zijn

Het moderne hondenleven heeft honden veel gebracht. Ze zijn veiliger, krijgen betere zorg en leven vaak comfortabel.

De paradox is dat een hond meer comfort kan hebben dan ooit en tegelijkertijd weinig invloed op zijn eigen leven.

Misschien is dat een volgende stap in hondenwelzijn: niet alleen zorgen dat een hond gezond en veilig is, maar ook erkennen dat hij eigen behoeften, voorkeuren en grenzen heeft.

Niet alles wat voor ons ongewenst gedrag is, is voor een hond probleemgedrag. Soms vertelt het gedrag ons dat een behoefte onvoldoende is gezien.

Welzijn gaat niet alleen over wat wij een hond geven, het gaat ook over hoe het voor hem is om zijn leven te leven.

Want een hond is zoveel meer dan alleen een huisdier.

Tractive

Credits

Dit artikel is geschreven door Marjan Baas-Huisman, LFDM®, KAD-AP®, Professional Member APDT en gedragsdeskundige The Art of Dog Training-Nederland.

Doggo.nl